Hallo iedereen, zo vlak na het kwekfestijn (wat zonder ons blijkbaar toch gewoon is doorgegaan) en ook vlak voordat we weer afreizen naar Nederland, hierbij nog een laatste bericht over het wel en wee hier in Malawi.

 

Vorige keer hebben we al aangegeven dat we na het vertrek van Ad en Mieke (we missen de gezelligheid, de hulp en het kaarten nog steeds) met de auto vol wol, uniformenstof en allerlei andere zaken terug zijn gegaan naar Bembeke om ons oude leventje weer op te pakken.

Het viel ons op dat de toch al niet drukke wegen nog rustiger waren. Nou toen we gingen tanken werden we snel uit de droom geholpen want de benzineprijs was in het weekend met maar liefst 25 procent gestegen naar ruim 600 kwatcha, ofwel anderhalve euro. Voor de meeste Malawianen een kapitaal. Je kunt zo wel snel zien wie er boven Jan Modaal leeft en wie niet.

 

Na de succesvolle schoenenverkoop (opbrengst uiteraard voor het project) lopen ze nog dagelijks de deur plat met de vraag naar schoenen. Dat is hier wel een hot item. Dus jullie snappen het natuurlijk al, “het” inzamelitem voor komend jaar worden schoenen. Over schoenen gesproken, we hebben de lokale smid, de timmerman, de loodgieter en de elektricien  blij gemaakt met degelijke werkschoenen uit Nederland.  Hierbij hebben we uiteraard gedemonstreerd hoe sterk die schoenen zijn, door pardoes op de stalen neuzen te gaan staan of er onverwacht met een hamer op te slaan. Dat was wel humor.

Natuurlijk waren ze er blij mee, zozeer zelfs dat ze nog steeds met hun oude afgetrapte plastic schoenen naar het werk gaan en op zondag vol trots rondstappen met hun mooie werkschoenen aan.  Zo gaan ze wel heel lang mee.

 

Inmiddels is de temperatuur opgelopen tot ruim dertig graden en puilt het naailokaal uit. Na het eerste aarzelende begin zitten er nu elke middag 42 vrouwen in het leslokaal, wat met 16 naaimachines wel erg veel is en voor de temperatuur en geur in het lokaal nou ook niet echt bevorderlijk is. We hebben in overleg met de leerkrachten maar besloten om de groep te splitsen waardoor de leerkrachten ook weer wat extra kunnen verdienen (kan gefinancierd  worden uit de schoenenverkoop).

De hele cursus wordt trouwens grotendeels bekostigd uit de verkoop van tweede handskleding, waardoor het hele gebeuren inmiddels aardig selfsupporting aan het worden is.

Een van de leerkrachten is afgelopen week overigens bevallen. Op donderdagmiddag was ze nog volop aan het werk en op vrijdagmorgen is haar derde kind geboren. Volgende week komt ze gewoon weer gewoon werken met het kind op de rug. Hoezo zwangerschapsverlof??

 

De nieuwe opslagruimte is inmiddels klaar en ingericht, dus dat was even flink sjouwen en pakken. Dat gaat overigens vrij eenvoudig, want je hoeft maar een keer te vragen en iedereen laat alles uit handen vallen en komt meehelpen. Voor ons is het daarbij trouwens ten strengste verboden om te sjouwen, daar zouden we ze mee beledigen. Niet echt erg, want in toekijken zijn we allebei expert en met een Fanta tot besluit zijn we weer allemaal gelukkig.

 

Dat kijken is wel heel vermoeiend dus op zaterdag togen we naar Salima om een dagje naar het meer te gaan en onze Canadese kennissen te bezoeken.  Heel gezellig, maar ook heel rustig. Er is blijkbaar nauwelijks toerisme dit jaar en dat is voor de werkgelegenheid en de zo broodnodige vreemde valuta niet zo best.

Op maandag via Lilongwe terug om nog maar eens wol, stof en allerlei andere zaken te kopen.

 

Zo brak de laatste volle week aan, met een behoorlijk lange “nog te doen” lijst. Eigenlijk gaat het allemaal prima. De generator voor het ziekenhuis is aangesloten en functioneert goed. De bouw van de volgende twee stafhuizen is gestart, evenals de renovatie van twee bestaande stafhuizen en aan het gebouw voor speciaal onderwijs wordt hard gewerkt. Natuurlijk moet er nog wel wat geregeld worden en moet er hier en daar wat beknibbeld worden om te voorkomen dat een en ander te duur wordt, maar van praten worden we niet echt moe.

 

We hadden vanuit Ngonoonda, een van de “buitenwijken” van Bembeke op ongeveer 7 kilometer van ons huis en te bereiken via een niet al te beste zandweg bergopwaarts, een aanvraag voor de stichting gekregen voor de bouw van drie klaslokalen. We kennen het gehuchtje en de weg er naar toe, dus waren we niet zo happig. Pas na lang aandringen hadden we de headmaster  beloofd om te komen kijken en belofte maakt schuld, dus wij er naar toe. Midden in “the middle of nowhere” een school met ruim 900 leerlingen en 8 leslokalen, waarvan er twee zijn ondergebracht in een gebouwtje dat is helemaal opgetrokken uit bamboe. We moeten het toegeven: wel veel ventilatie en door het dak kun je altijd de blauwe lucht zien, veel frisse lucht en zo lang het niet regent is het heel gezellig en knus.

Omdat de school ver van de bewoonde wereld ligt krijgen ze natuurlijk niet veel aanloop en ook niet veel aandacht. We hadden van Willem Winkelman een paar dozen met sportkleding gekregen en een groot deel daarvan hebben we daarom maar hier achtergelaten, zodat het schoolteam binnenkort in ieder geval goed voor de dag kan komen. Ook de plaatselijke “Bembeke United” is in het nieuw gestoken en maakt nu reclame voor een of andere Nederlands bedrijf. Apetrots allemaal.

Wat reclame betreft, beginnen we ons hier steeds meer thuis te voelen want het gehalte aan IVT kleding en Binnendieze truien en jacks, stijgt met de dag.

 

Op de valreep hebben we nog foto’s genomen van de nieuwe groep van 10 leerlingen die dit jaar aan de plaatselijke middelbare school zijn begonnen en die daarbij financieel door MIM gesteund worden.

Dit laatste dank zij de steun van veel donateurs. Wijzelf blijven dit een van de mooiste en beste projecten van MIM vinden, omdat een goede opleiding er “echt” toe doet.

Amison, de eerste student die op deze manier door MIM is geholpen, heeft het afgelopen schooljaar zijn lerarenopleiding afgerond en staat klaar om aan een basisschool te beginnen. Maar ja het kost de overheid hier blijkbaar ruim een half jaar om alle geslaagde leerkrachten een plek toe te wijzen.  Dat ze daarbij een half jaar geen inkomen hebben is blijkbaar niet zo erg en misschien voor de overheid wel mooi meegenomen.  

 

De laatste dagen krijgen we veel aanloop van mensen die afscheid komen nemen en komen bedanken voor het een of ander. Dat bedanken gaat meestal gepaard met een mand aardappelen of tomaten. Goed bedoeld en heel aardig, maar wat moeten we twee dagen voor de thuisreis met 25 kilo aardappelen en 10 kilo tomaten. Gelukkig waren er deze keer geen levende kippen bij.

Een van de basisschoolleerkrachten wilde nog een brief meegeven voor een van onze kinderen en kwam daarvoor bij ons pen en papier vragen. Blijkbaar is hier op de scholen het papierloze tijdperk al aangebroken.

 

Voor de laatste keer veel groeten uit een heet en droog  Malawi.

 

Ans en Wil.

 

Klik hier om terug te keren naar de site <<